Afwisselend bezorgd en verwonderd dat een beetje lucht in de banden mij scheidt van een betrouwbare fiets, rijd ik behoedzaam de straat uit. Het is al donker en het sneeuwt een beetje. Ik rem af. De fiets komt piepend en knarsend tot een stilstand. Ik probeer diep adem te halen. Leef in het moment.
De sneeuw verwatert op mijn gezicht tot druppels. Of heb ik verdriet? Ik moet afscheid nemen van mijn geestelijke steun en toeverlaat van jaren. Ik moet stoppen met roken. Al enige tijd. Het is altijd een goed advies trouwens. Heb ik me laten vertellen. Ik vind het niet erg om te roken. Alleen de gevolgen zijn wat minder.
Geveld door een pakje shag, bedenk ik me als ik weer snel buiten adem ben of kortademig. Of in de ochtend als ik ondanks de geïrriteerde luchtwegen, aantasting van de longen en de vermoeidheid, als eerste naar de shag grijp.
De politieke uitgesproken ambitie voor een rookvrije generatie is een mooi streven, maar hoe zit het dan met de verstokte rokers? Die moeten maar dubbel en dwars het gelag betalen? Eigen schuld, dikke bult? En voortdurend geconfronteerd worden met het horrorkabinet van plaatjes op de verpakkingen? U bent gewaarschuwd.
Laten ze eens pogen de al verslaafde roker niet alleen de stuipen op het lijf te jagen, maar ook helpen te leren verbeelden hoe het is om niet te roken, verzucht ik me dan wel eens.
Het zou een hele verademing zijn.
Door Libert